Paesens-Moddergat bestaat officieel uit twee dorpen. De bewoners zien de dorpen als één dorp, vandaar dat het door de jaren heen Paesens-Moddergat is genoemd. Paesens heeft 266 inwoners en Moddergat heeft er 254.
In Paesens-Moddergat staat het museum 'It Fiskershûske'. In dit museum kan men meer te weten komen over het vroegere vissersleven. Er staan drie gerestaureerde visserswoningen van vroeger. Ook wordt stil gestaan bij de verdrinking van een groot deel van de vissers in het dorp. Vele families moesten na deze ramp leven in grote armoede. Ter herinnering aan deze ramp is er een monument in het dorp geplaatst (aan de dijk). Nog steeds is de visserij de belangrijkste bron van inkomsten in Paesens-Moddergat.
Ooit heeft er een klein riviertje door deze dorpen gestroomd. De plaats waar het riviertje heeft gestroomd is nog steeds te herkennen. In 1449 is het riviertje dichtgeslibd. De boerderij 'Jagtlust' in Hantumeruitburen stond aan dit riviertje. De namen Paesens en Moddergat zijn ontstaan door dit riviertje, want Paesens betekend 'Pagingi', ook wel modder, aarde of moeras genoemd. Bovendien was de grond bij de monding van het riviertje een echt moddergat.Bij Paesens kunt u via een pier een heel eind het wad oplopen. Vanaf de pier heeft men een fraai uitzicht op Schiermonnikoog, Engelsmanplaat en bij helder weer Ameland.
Bron: Gemeente Dongeradeel
De ramp van Peassens-Moddergat
In 1883,gebeurde er iets verschrikkelijks. Na een lange winter waarin niet gevist dus ook niets verdiend werd, besloten de vissers begin maart, toen het al een week mooi weer was, uit te varen. Met een vloot van 22 schepen zeilden de vissers richting Scholveld nabij het eiland Borkum. Toen ze daar aankwamen, na een lange nacht zeilen, werd het al licht en met het weer was nog niets aan de hand. Het weerbericht in de Leeuwarder Courant voor die dag luidde: Van eene depressie is niets te bespeuren. Een centrum van hoge druk is vrij nabij. Verwachting: Oostenwind en goed weder. Maar helaas, niets is zo veranderlijk als het weer... In de loop van de dag draaide de wind naar het noordwesten en wakkerde langzaam maar zeker aan tot zware storm. De lucht werd zwart, opgezweept door de storm geselde hagel en sneeuw de vissersvloot. Toen de vissers besloten terug te keren was het al veel te laat. De storm woedde de hele nacht en ipv. bij het aanbreken van de dag te gaan liggen nam hij nog in kracht toe. In de buurt van Schiermonnikoog gekomen waar het heel moeilijk navigeren is, zijn tussen half acht 's ochtends en drie uur 's middags 17 schepen omgeslagen. Vijf schepen bereikten tenslotte de haven. Op twee boten had men de visnetten overboord gegooid waardoor de boeg met de punt omlaag hing en met de kop in de wind stond. Dat werd hun redding, met nog drie andere zwaar beschadigde boten overleefden zij de ramp. De resten van de andere boten spoelden overal aan. Vanuit een wrak dat op het strand van Schiermonnikoog gesmeten was, hoorde men het hulpgeroep van de enige overlevende. 'Een geslaagde poging tot zijne redding werd beproefd' zoals blijkt uit een kranteberichtje uit 1883. De drenkeling heette Gerben Besteleur. Hij had zich in het omgeslagen schip aan balken weten vast te klampen. Het water stond hem aan de kin. Verkleumd van kou en aan het eind van zijn krachten heeft men hem uit het wrak kunnen bevrijden. Drieëntachtig man waren verdronken. Het leed in Moddergat was niet të overzien. In die tijd, zonder sociale voorzieningen, zag het er voor de 65 weduwen niet rooskleurig uit. De ramp maakte echter een zodanige indruk dat voor het eerst in de geschiedenis een landelijke inzameling gehouden werd. Honderdvierenveertig duizend gulden werd uiteindelijk opgehaald en beheerd door een kommissie bestaande uit vooraanstaande boeren. De frustratie was groot toen bleek dat de kommissie besloot per week twee gulden per getroffen gezin uit te keren. Nu was het leven toen wel goedkoper dan tegenwoordig, maar het inkomen van een vissersgezin bedroeg acht gulden per week. Bittere armoede dus terwijl de boerenkommissie van het 'rampengeld' ruim dineerde.
Bron: www.noorderbreedte.nl (It Fiskershúske, Marja van Schie)
Wapen van Peassens-Moddergat
"In goud een dwarsbalk van azuur, beladen met een vis van zilver; de balk boven vergezeld van twee klaverbladen van sinopel en onder van een anker van keel, waarvan de kop eindigt in een T-kruis."

Oorsprong/verklaring :
De dwarsbalk stelt het riviertje de Paesens voor, de beide dorpskernen liggen ter weerszijde van dit riviertje. De vis is het symbool voor de van oudsher belangrijke visserij. De klaverbladeren slaan op de landbouw. Het anker is enerzijds een verwijzing naar de visserij, anderzijds naar de oude kerkpatroon van Paesens, Sint Anthonius.
Bron: www.ngw.nl |